Algemeen

Aan de hand van beide kentekenbewijzen moet je in staat zijn om de belangrijke gegevens van de combinatie te achterhalen (het merk van de aanhangwagen staat bijvoorbeeld ook op het kentekenbewijs maar is niet direct van belang voor het rijden). Deze gegevens kun je globaal in drie groepen indelen:

1. de afmetingen van de combinatie. Dus de lengte, breedte en hoogte. Belangrijk om te weten bij bruggen, viaducten en straten met andere geslotenverklaringen.
2. de gewichten van de combinatie. Wat weegt de aanhangwagen leeg, wat mag hij laden, wat is het totaalgewicht enz.
3. mag de aanhangwagen aan het trekkend voertuig gekoppeld worden. Oftewel, voldoet de combinatie, naast het niet overschrijden van de afmetingen en gewichten, verder nog aan de wettelijke eisen.

Ad. 1: De meeste afmetingen zijn te vinden op het kentekenbewijs. Wat niet op het kentekenbewijs staat is de lengte van de auto. Deze zal je dus moeten opmeten of opzoeken in het instructieboekje. De hoogte van een voertuig staat nooit op een kentekenbewijs. Dit is omdat de hoogte kan veranderen door lading of , in mindere mate, door accessoires (imperiaal, zwaailicht, spoiler enz.). Deze zal je dus ook moeten opmeten. Voor het examen is het genoeg om de hoogte van de aanhangwagen te weten omdat dit het hoogste voertuig moet zijn.
Ad. 2: Voor wat betreft de gewichten staat alles op het kentekenbewijs, behalve natuurlijk het gewicht van de lading. Dit kun je op het weegbriefje terugvinden. Voor de verdeling van de lading over de laadvloer kijk je naar wat de gewichtsverdeling op de as(sen) mag zijn. In geval van een tandemasser (een enkelassige aanhangwagen) is dat zoveel mogelijk boven de as. Hierbij moet er wel op gelet worden dat de koppelingsdruk niet overschreden wordt.
Ad. 3: Hiervoor moet je kijken of het totale gewicht van de aanhangwagen het maximale trekgewicht van de auto niet overschrijdt. Dit staat onder maximaal gewicht aanhangwagen/oplegger.
NB. voor alle afmetingen en gewichten zie de pagina maten en gewichten.
Algemene opmerkingen
  • De aanhangwagen is geremd (is verplicht voor aanhangwagens met een toegestane maximum massa vanaf 750 kg). Dit betekent dat als de auto remt de aanhangwagen ook remt. Dit remmen gaat met behulp van een oplooprem (niet te verwarren met de handrem).
  • De auto mag elke aanhangwagen trekken, zolang deze aanhangwagen, beladen of niet, het maximale trekgewicht (maximaal gewicht aanhangwagen/oplegger) niet overschrijdt. Dus ook een aanhangwagen met een hoger ledig gewicht of hoger laadvermogen dan de aanhangwagen waar je nu mee rijdt.
  • De breedte van de auto is gemeten zonder de spiegels (dit is omdat je spiegels in het geval van nood kan inklappen). Bij de breedte van de auto kun je dus nog een aantal centimeters bijtellen. Scheelt de breedte van het voertuig weinig met de breedte van de aanhangwagen, dan weet je van tevoren dat je geen opzetspiegels nodig hebt.
  • De koppelingsdruk kan gemeten worden met een koppelingsdrukmeter (een stok en een weegschaal werkt trouwens ook goed). Verder mag je aannemen dat als de combinatie mooi horizontaal staat, de koppelingsdruk niet te hoog is. En waarschijnlijk zal het duidelijk zijn, maar ik zeg het toch maar even: een te hoge of te lage koppelingsdruk zorgt voor een (behoorlijk) minder stabiel rijgedrag van de combinatie, vooral als de snelheid waarmee gereden wordt omhoog gaat. De koppelingsdruk is te beïnvloeden door de lading te verplaatsen.